Met een fles whisky in
mijn ene en een stuk touw in mijn andere hand, loop ik het bos in.
Het voelt
als het afleggen van mijn eigen Via Dolorosa.
Bij iedere stap die ik zet
is het net alsof iemand mij, tot bloedens toe, met een gesel op mijn rug slaat.
Ik voel pijn. Ik voel
vernedering. Ik voel angst. Ik voel schaamte, maar bovenal voel ik een enorme
leegte.
Over enkele ogenblikken zal
ik mijn lot onder ogen gaan zien. Er is nu geen weg meer terug. Dit was het
dan. Maar g@dv#$rd*m# wat ben ik bang!
Ik neem nog een paar
slokken van de whisky en hang het ruwe touw in een boom. Ik bekijk de strop die
ik heb gemaakt. Ik hoop dat ie werkt. Op YouTube zag het er zo eenvoudig uit.
Of ik geloof in een
hiernamaals? Ik heb geen flauw idee. Ik wil maar één ding; en dat is rust in
mijn hoofd!
Op de vraag hoe het
allemaal zover heeft kunnen komen, kan ik kort zijn. Wist ik het maar!
Pats boem! Ineens zat er
een monster in mijn hoofd.
‘Gek, want die hoort daar
niet,’ zei mijn psycholoog.
‘Een ongewenste bezoeker.
Zie hem maar eens weg te krijgen.’
En dat laatste lukte
niet. Wat ik ook probeerde, de indringer bleef. Het dreef me tot waanzin, met
alle gevolgen van dien. Alsof ik langzaam aan het verdrinken was in een grijze
brij van meedogenloze hersenspinsels.
Hiep hiep hoera! Gelukkig
zijn er medicijnen en is er alcohol. Een oplossing was dat allerminst, maar het
verzachtte wel de scherpe randjes en het verdoofde de innerlijke pijn een
beetje.
En daar ging het per slot van rekening om.
Ondertussen maak ik alles gereed voor het
slotoffensief.
Voor alle zekerheid
controleer ik de boom op dode takken. Stel je voor dat ik naar beneden duvel en
mijn benen breek.
Inmiddels begint het al behoorlijk
schemerig te worden. In de verte hoor ik een onweersbui naderen. Ik moet opschieten
voordat het begint te plenzen. Ik heb een gruwelijke hekel aan nat worden.
De plannen die ik nog had
op mijn bucketlist, het kan me allemaal gestolen worden; in een camper naar de Noordkaap,
een pelgrimstocht naar Santiago de Compostella, een jaar op een Waddeneiland
wonen en het schrijven van een roman.
Ik ben deze ziekmakende maatschappij
waarin egoïsme en hebzucht hoogtij viert, meer dan beu!
Ik zal vast en zeker wel
een hoop gezeik over mij heen krijgen. Zeker op social media. Daar is iedereen
een kei in. Elkaar digitaal afmaken!
Als afscheidgroet steek ik mijn middelvinger op. Fuck you all!
Ik pak mijn telefoon en
luister voor de laatste keer naar Eddie Vedder. Society, I hope you’re not
lonely without me!
Het is bijna lente. Nieuw
leven! Nieuwe kansen!
Maar deze beker laat ik graag
aan mij voorbijgaan.
Ik steek mijn hoofd door
het touw.
Vaarwel wereld!
‘Consummatum est!’
Een oogverblindende lichtflits.
Een oorverdovende knal. De hemel opent zich. De regen valt met bakken naar
beneden.
Ik schreeuw.
…
Ik huil.
…
Ik spring.
…
Ik schrik wakker… badend
in het zweet… een droom!
© taededraaftdoor 20- 01-2025